4. De ‘Zwarte Dood’ (14e eeuw)
Pandemieën op het breukvlak van de tijd
De Triomf van de dood, omstreeks 1562 geschilderd door Pieter Brueghel de Oude.
In de jaren tussen 1347 en 1352 werd Europa opgeschrikt door een epidemie van apocalyptische omvang. Miljoenen werden getroffen door een nieuwe ziekte, vermoedelijk de pest, die de geschiedenis is ingegaan als de ‘Zwarte Dood’.
De sterfte was enorm: schattingen lopen uiteen van een kwart tot een derde van de totale bevolking. Dit leidde tot een groot gebrek aan mankracht in de landbouw, met alle gevolgen van dien voor de voedselvoorziening in Europa. Het herstel zou vele generaties duren. Pas rond 1500 had Europa zich van de demografische crisis hersteld.
Lange tijd is men ervan uitgegaan dat het lot van de mensheid wordt bepaald door grote mannen: koningen, generaals en geniale wetenschappers. De historicus William MacNeill presenteerde in 1976 een geheel andere visie op de wereldgeschiedenis. Hij bepleitte een epidemiologisch perspectief, waarin een allesbepalende rol werd toegeschreven aan ecologische structuren. De grote veranderingen in de wereldgeschiedenis zouden niet door mensen maar door ziekten teweeg zijn gebracht.
Zo zou bijvoorbeeld het lot van Europa aan het begin van de negentiende eeuw niet zijn bepaald door Napoleon, maar door de ziekteverwekkers in zijn legers. Telkens wanneer grote groepen mensen zich over de continenten verplaatsten, werden ‘epidemiologische grenzen’ gepasseerd, hetgeen leidde tot pandemieën met catastrofale gevolgen.
Afbeelding uit de Fasciculus medicine (1512) van Joannes de Ketham, waarop een pestlijder is te zien die door een medicus wordt bezocht. De medicus, bezig met het voelen van de pols van de patiënt, beschermt zich met een spons tegen de pestlucht.
Steeds leidden ontdekkingsreizen, grote expansieve oorlogen of langeafstandshandel tot een verstoring van het ecologische evenwicht. Dit leidde tot massale sterfte en – nadat immuniteit tegen de ziekte was verworven – een nieuw evenwicht. Daarna leefde de nieuwe ziekte nog slechts voort als endemische ziekte, die een keer per generatie tot een (milde) uitbraak kwam: de nieuwe infectieziekte was ‘gedomesticeerd’.
Dit gold ook voor de pest. De ‘gesel Gods’ zou de Nederlanden nog tot diep in de zeventiende eeuw teisteren (de beschrijving ervan door de Nijmeegse medicus IJsbrand van Diemerbroeck (1609-1674) behoort tot de klassieke pestgeschriften, die van het Latijn in het Nederlands en in het Engels werd vertaald). Toch had hij nooit meer zulke desastreuze gevolgen als in de veertiende eeuw.
De grote vraag die zich hierbij aandient is die naar de rol van de geneeskunde. Werkt zij sinds Robert Koch en Louis Pasteur aan de successievelijke uitroeiing van de ziekten die de mens bedreigen en is het verloop van de geschiedenis dus lineair? Of wordt zij voortdurend voor nieuwe uitdagingen gesteld, en kent de geschiedenis juist een cyclisch verloop?
Literatuur
W.H. MacNeill, Plagues and peoples (Garden City: Anchor Press, 1976).
L. Noordegraaf en G. Valk, De gave Gods. De pest in Holland vanaf de late Middeleeuwen (Bergen: Octavo, 1988).
Ziet u geen reactieformulier? Reacties. (1)
"Laatste zin staat 2 keer in de tekst."
De canon is in de boekhandel te koop voor 17,50 euro. U kunt het boek ook online bestellen bij Elsevier Gezondheidszorg.
Meest bekeken canon-vensters:
18. Herman Boerhaave (1713)
10-12-2009 |
Europees icoon van de klinische geneeskunde »»
Reacties: Plaats een reactie
22. Het genootschap van Bonn (1790)
10-12-2009 |
Sociabiliteit in medische kringen »»
Reacties: Plaats een reactie
36. De cardiograaf van Einthoven (1903)
10-12-2009 |
Nobelprijs voor elektrodiagnostiek »»
Reacties: 5 reacties

