U bent nu hier:

Voordringen

Publicatie Nr. 14 - 01 april 2003
Jaargang 2003
Rubriek Praktijkperikel

Zaterdagmiddag, half twee. Mijn zoon komt ten val op het voetbalveld. Hij kan niet op het zere been lopen en zijn enkel zwelt flink op. Toch niks gebroken? Van traumatologie weet ik als verzekeringsarts niet zoveel af, dus toch maar even naar laten kijken.
Snel neem ik wat te lezen mee, want ik heb gehoord dat je in de centrale huisartsenpost, gevestigd in het plaatselijke ziekenhuis, lang moet wachten. Nee, niet Medisch Contact; ik zou me opgelaten voelen met zo’n blad in de wachtkamer van een ziekenhuis te zitten. Ik vertel trouwens als cliënt in de gezondheidszorg nooit dat ik arts ben, tenzij dat relevant is of men naar mijn beroep vraagt, wat vrijwel nooit gebeurt. En inderdaad: ‘gaat u even zitten, de dokter komt zo’, blijkt een eufemisme te zijn voor: ‘wacht u maar totdat u een ons weegt’.
Mijn lectuur, inclusief de beduimelde bladen op het tafeltje in de wachtkamer, begint op te raken, als er een kouwe-kak-madam binnenkomt met een jongen van gelijke leeftijd als mijn zoon.


Excusez le mot: het is ongetwijfeld een heel aardige mevrouw; ik beschrijf alleen maar de situatie. De jongen, die achter zijn moeder hinkend binnenkomt, is op het hockeyveld gevallen en zijn been is gebroken, vertelt ze op luide toon aan de receptie. ‘Dat zal de dokter wel beoordelen’. ‘Maar ik ben zelf arts, ik weet er ook wel wat van’, zegt ze snibbig.
Slechts enkele minuten later komt één der huisartsen haar opzoeken in de wachtkamer en er wordt geanimeerd over de hockeywedstrijd gesproken. Ik voel het ongenoegen in de wachtkamer groeien en besluit iets te zeggen van dit voordringen. Dat doe ik bij de bakker toch ook? Maar nog voordat ik mijn zorgvuldig gekozen woorden uitspreek, blijken we zowaar zelf aan de beurt te zijn, en ik laat de gelegenheid voorbijgaan.


In het openbaar bestuur spreekt men over corruptie en nepotisme, en men vindt dat een zorgelijke zaak. Een corrupt ontwikkelingsland mag rekenen op vaderlijke vermaningen van het Internationaal Monetair Fonds en andere internationale organisaties. In de gezondheidszorg spreekt men over ‘voorrang zonder medische indicatie’ en dat moeten we normaal vinden. Je bent gek als je er niet, als cliënt of als zorgverlener, aan meewerkt. Of toch wel? Wachten we op de eerste rechtszaak wegens discriminatie, omdat de jongens van Ajax de jongens van de amateurclubs verdringen van de wachtlijst voor de operatie van hun voetbalknietje, of op de eerste schadeclaim?

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Tijdschriftarchief | Nieuwsbrief

Volg Medisch Contact op Twitter

Best gewaardeerde docs

Meer documentaires »»

Best gewaardeerde films

Meer films »»

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd