U bent nu hier:

Cornelis is overleden

Publicatie Nr. 20 - 13 mei 2003
Jaargang 2003
Rubriek Praktijkperikel

Eens in de drie of vier maanden ging ik even bij haar langs. Ze was oud, heel erg oud, en woonde alleen in een immense boerderij. Alleen de keuken en de woonkamer gebruikte ze nog. De keuken stamde wat de inrichting betreft nog uit de tijd dat mensen zich per trekschuit lieten vervoeren, en deed tevens dienst als berging. Haar woon-slaapkamer was vergelijkbaar  ingericht, maar zag er altijd ordelijk uit. Eigenlijk kon het niet meer dat ze hier nog zelfstandig woonde, zonder noemenswaardige hulp. Bovendien was ze zeer vergeetachtig geworden. Hoe ze het nog voor elkaar kreeg om haar dagelijkse potje te koken was me een raadsel. Niks tafeltje dekje, ze kocht gewoon haar dagelijkse kost bij de SRV-man  en kookte zelf.


Toen ik door de keukeningang binnenkwam, was ze druk bezig met koken. Iets van vlees of spek pruttelde in een oud, gietijzeren pannetje. ‘Ha dokter’, begroette ze mij. Ze was altijd opgewekt en altijd blij om mij te zien. We liepen direct door naar de woonkamer en gingen aan de eettafel zitten.
‘Druk met koken?’, vroeg ik.
‘Jazeker, Cornelis zit nu nog even in het café van Mans aan de Rondeweg. Hij mag daar graag nog even voor het eten een borreltje drinken. Maar straks gaan we samen eten.’
‘O, komt Cornelis thuis te eten?’
Ze keek me aan: ‘Ja toch?’
Het was even stil. Cornelis kwam altijd ter sprake als ik bij haar was. Door haar dementie was haar al jaren geleden overleden echtgenoot er nog steeds helemaal bij. Ik vond het altijd weer zielig om haar droomwereld met Cornelis te verstoren, door te zeggen dat hij onmogelijk kon mee-eten.


Deze keer echter, gebeurde er iets bijzonders. In de stilte die tussen ons was gevallen, begon ze plotseling te mompelen. Het was alsof ze zich ineens iets herinnerde. Mompelend liep ze naar een kastje in de hoek, deed de la open en haalde er een briefje uit. Ze vouwde het open en las hardop: ‘Cornelis is overleden.’ Vervolgens stopte ze het  briefje weer terug in de la. Weer keek ze me aan: ‘Hij is dood, hij eet niet mee.’
Ze stond op en ging naar de keuken. Ik liep achter haar aan. Op het moment dat ze de keuken  binnenkwam,  sloeg de vlam in het pannetje met vet. Een hoge steekvlam, bijna tot aan het plafond lichtte de ruimte oranje-rood op.


Ondanks haar leeftijd was ze snel. Ze had de klaarstaande emmer met water al te pakken. Ik was echter nog sneller. Ooit had ik op televisie gezien wat de enige juiste handelwijze was in deze situatie. Gelukkig lag de deksel van het pannetje naast het fornuis. Vanaf de zijkant schoof ik de deksel in de steekvlam, drukte die vervolgens op de pan en draaide het gas uit. Het vuur was net zo snel weer verdwenen als het was gekomen.
‘Dat komt omdat dokter langskwam. Daardoor ben ik dat pannetje helemaal vergeten.’
Haar reactie had zoiets paradoxaals dat ik mijn lachen (overigens ook van opluchting) nauwelijks kon inhouden.


We gingen weer terug naar de woonkamer. Stel je voor wat er zou kunnen gebeuren als ze weer eens zoiets zou vergeten en er niemand in de buurt was. Dit was echt net goed gegaan!
We zaten weer aan de eettafel. ‘Hoe moet dat nu?’, zei ze. ‘Cornelis kan ieder moment thuiskomen en het eten is nog niet klaar.’


Ik wist niet meer wat ik moest zeggen. Mijn blik viel op het kastje in de hoek. Ik stond op en opende de la van het kastje, pakte het briefje en gaf het haar. Ze vouwde het weer open en las: ’Cornelis is overleden.’ 

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Tijdschriftarchief | Nieuwsbrief

Volg Medisch Contact op Twitter

Best gewaardeerde docs

Meer documentaires »»

Best gewaardeerde films

Meer films »»

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd