U bent nu hier:

Coassistent in Indonesië - Een wereld zonder cervixcarcinoom

Publicatie Nr. 33/34 - 15 augustus 2007
Jaargang 2007
Rubriek Over de grens
Auteur Hannah Kramer
Pagina's 1370

Nederlandse vrouwen weten bijna allemaal van het bestaan van baarmoederhalskanker. Alleen al het feit dat alle vrouwen vanaf hun dertigste levensjaar iedere vijf jaar worden opgeroepen voor een uitstrijkje, is de bekendheid ten goede gekomen. Hoe anders is de werkelijkheid in Indonesië. Veel vrouwen zijn er onwetend van de mogelijkheden voor screening en vroege behandeling. In ontwikkelingslanden stervan dan ook veel vrouwen aan cervixcarcinoom. Dit heeft grote sociale en economische gevolgen, daar zij vaak de spil van het gezin en tevens kostwinner zijn.

De reden van het hoge sterftecijfer - 600 vrouwen per dag wereldwijd van wie 80 procent in ontwikkelingslanden - is niet alleen de afwezigheid van gestructureerde screening. Risico­factoren als een vroege sexarche, het krijgen van veel kinderen en een groot taboe rond seksueel gedrag zijn hiervoor medeverantwoordelijk. Het Female cancer Programme (FcP), een initia­tief van het Leids Universitair Medisch Centrum, probeert iets aan de schrikbarende cijfers te doen. Als medisch student was ik hier enkele maanden bij betrokken tijdens mijn verblijf in Indonesië. Het FcP richt zich op voorlichting, screening, behandeling, onderzoek en onderwijs.

Voorlichting is een belangrijke eerste stap in het screeningsproces. Zonder voorlichting zou de opkomst zeer laag zijn. Vrouwen zijn bang dat het onderzoek pijn doet en durven zonder uitgebreide voorlichting niet plaats te nemen in de gynaecologische stoel. Daarnaast is informatie geven van belang voor het verkrijgen van de toestemming van de man. Deze staat zijn vrouw zelden toe een dokter te bezoeken. Bij medische problemen wordt namelijk bij voorkeur het dorpshoofd geraadpleegd.

De mobiele kliniek waarin ik enkele weken werk, trekt van dorp naar dorp om vrouwen met een zeer lage sociaaleconomische status te onderzoeken. Het doel is om op één dag te screenen en zo nodig ook te behandelen. Niet op de westerse manier met cytologie en lisexcisies, maar praktisch en goedkoop met gebruikmaking van azijnzuur en bevriezing. De screening vindt plaats in een overheidsgebouw of dorpscentrum. Daar worden twee onderzoekskamers ingericht met als belangrijkste materialen een gynaecologische stoel, specula en azijnzuur. Met doeken wordt een zeker vorm van privacy rond de onderzoekskamer gecreëerd. Vrouwen nemen het liefst met hun ondergoed nog aan plaats op de stoel. De mate van schaamte is bij deze vrouwen van dien aard, dat zelfs voorlichting hier niets aan verandert. Zeker niet als er ook nog een blanke dokter aanwezig blijkt te zijn.

Behalve dat de slechte wegen het lastig maakten om de dorpen te bereiken, is ook de lokale stroomvoorziening een punt van zorg. De elektriciteit kan meerdere malen per dag uitvallen. En het noodaggregaat biedt ook niet altijd uitkomst. Hierdoor voeren we het speculumonderzoek soms uit bij het licht van een zaklamp. In het tropische klimaat blijft de ventilator het gemis van de dag.

Bij een grote opkomst loopt de wachttijd behoorlijk op, zeker als velen ook moeten worden behandeld. Het geduld van de Indonesische bevolking lijkt echter eindeloos. Zonder problemen wachten de vrouwen een hele dag op hun beurt. En omdat tijdsafspraken in dit land niet gangbaar zijn, is het rond de mobiele kliniek een drukte van belang. Er zijn veel vrouwen, kinderen en er is - zoals dat in Indonesië hoort - altijd veel eten.

Ondanks praktische problemen lukt het om op deze manier veel vrouwen te screenen en te behandelen, zelfs in gebieden waar de bewoners nog nooit een blanke hebben gezien. In de korte periode dat ik meewerkte aan het Female cancer Programme zag ik meerdere vrouwen met een cervixcarcinoom stadium III of IV. In die gevallen is cryotherapie onvoldoende. De vrouwen zijn doorverwezen naar een gespecialiseerd centrum. Het blijft de vraag of zij daar ook echt naartoe zijn gegaan. Velen kunnen de reis en de behandeling namelijk niet betalen.

Door dit programma zijn er inmiddels al meer dan 25.000 vrouwen in ontwikkelingslanden in drie continenten gescreend en meer dan duizend vrouwen behandeld. Dankzij de financiële steun van het ministerie van Buitenlandse zaken kan het FcP verder met het ontwikkelen van een preventief programma, met als ultieme doel: een wereld zonder cervixcarcinoom.

Hannah Kramer, ANIO Gynaecologie, in 2006 zes maanden in Indonesië voor een keuze-coschap

Klik hier voor het PDF van dit artikel

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Tijdschriftarchief | Nieuwsbrief

Volg Medisch Contact op Twitter

Best gewaardeerde docs

Meer documentaires »»

Best gewaardeerde films

Meer films »»

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd