U bent nu hier:

Streefgewicht

Publicatie Nr. 05 - 30 januari 2008
Jaargang 2008
Rubriek Praktijkperikel
Pagina's 205

Mevr H., een 26-jarige alleenstaande moeder, zie ik met wisselende regelmaat op mijn spreekuur meestal voor sociaalmaatschappelijke problemen die leiden tot klachten, voor depressieve klachten of omdat ze wil worden verwezen.

Ze heeft een afspraak bij mij gemaakt, omdat ze ontevreden is over de behandeling van haar eetstoornis bij een specialist. Vooral het feit dat haar gewicht niet afneemt, stelt haar erg teleur. Ze zou graag in aanmerking komen voor een maagbandje, maar heeft van haar verzekeraar te horen gekregen dat haar body-mass index (BMI) daarvoor boven de 40 moet liggen. Ze vraagt of ik iets voor haar kan doen.

Ik meet haar lengte en gewicht en kom op een BMI van 37,5. Ik probeer haar uit te leggen dat ik aan de indicatie voor vergoeding niet veel kan veranderen. Bovendien vraag ik mij hardop af of een operatieve ingreep bij een patiënt met een eetstoornis de beste optie is en adviseer haar om haar onvrede ook met haar behandelaar te bespreken. Enigszins teleurgesteld verlaat ze mijn spreekkamer.

Vier weken later meldt ze zich in opperbeste stemming aan de balie. Ze heeft besloten om haar schouders eronder te zetten en met enige inspanning heeft ze inmiddels een BMI van 40,3. Met grote blijdschap vraagt ze om een verwijsbrief voor een kliniek in België, zodat er eindelijk iets aan haar overgewicht wordt gedaan. Ze moest nog wel een verklaring hebben dat er geen sprake was van een eetstoornis maar volgens de voorlichter van de verzekeraar kon de huisarts dat ook wel schrijven.

De consumptiemaatschappij in het kwadraat met dank aan de ziektekostenverzekeraar.

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Tijdschriftarchief | Nieuwsbrief

Volg Medisch Contact op Twitter

Best gewaardeerde docs

Meer documentaires »»

Best gewaardeerde films

Meer films »»

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd