U bent nu hier:

Braaksel en meer

Publicatie Nr. 19 - 13 mei 2010
Jaargang 2010
Rubriek Praktijkperikel
Pagina's 880

Tijdens mijn nachtdienst op de huisartsenpost word ik gebeld door een oude vrouw. Ze is erg bezorgd want haar man braakt. Het braaksel is bruin en stinkt. Uit haar verhaal blijkt dat de man, die net als zij 84 jaar oud is, al enkele weken niet lekker is. Hij heeft met name last van hoofdpijn. Deze hoofdpijn was enige dagen geleden zelfs aanleiding voor een bezoek aan de neuroloog.

In de loop van de avond is de man gaan braken. De rijst met bruine suiker, die hij als avondeten had genuttigd, is er allemaal weer uitgekomen. Ik vind het reden genoeg om een huisbezoek af te leggen.

Bij aankomst vinden we, de chauffeur en ik, de patiënt in bed. Naast hem staat een emmer met een hoeveelheid bruine vloeistof erin. Terwijl ik de patiënt onderzoek, verricht de chauffeur ondersteunende activiteiten. Hij bepaalt de bloedsuiker vanwege de diabetes van de man, meet de saturatie en neemt de temperatuur op. Hij steekt ook even een urinestrip in de stinkende brei in de emmer. De strip kleurt ogenblikkelijk felgroen. Duidelijk bloed. Ik bekijk de medicatielijst, waarop zo’n stuk of twaalf verschillende medicijnen vermeld staan. Onder de lijst, waarop carbasalaatcalcium (Ascal) en omeprazol (Losec) vermeld zijn, staat (met de hand erbij geschreven) indometacine. Dit heeft de man enkele dagen geleden van de neuroloog gekregen tegen zijn hoofdpijn.

De diagnose is wel duidelijk en de waarschijnlijke oorzaak ook: haematemesis, uitgelokt door de combinatie van carbasalaatcalcium en indometacine.

We zijn het snel met elkaar eens: opname is aangewezen.

Op de terugweg bespreken we in de auto de casus nog eens. Ik vermoed ook nog een urineweginfectie, vanwege de slagpijn in de linkernierloge. Een extra argument hiervoor is de duidelijk positieve nitriettest. Alleen, hoe kan een positieve nitriettest in braaksel bij een urineweginfectie passen? Tot de chauffeur opmerkt dat er wel erg veel braaksel in de emmer zat. Dan valt het kwartje: de patiënt heeft zich te beroerd gevoeld om helemaal naar de wc te gaan en heeft de emmer naast zijn bed dus maar voor twee doeleinden gebruikt.

Conclusie: dat een chauffeur op een huisartsenpost in praktische zin grote toegevoegde waarde heeft, is langzamerhand voor artsen gemeengoed geworden, zeker bij calamiteiten. Maar ook de nuchtere kijk van de ander kan soms de situatie verduidelijken. Twee weten meer dan één.

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Tijdschriftarchief | Nieuwsbrief

Volg Medisch Contact op Twitter

Best gewaardeerde docs

Meer documentaires »»

Best gewaardeerde films

Meer films »»

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd