RSI-advies psychiater Koerselman op internet
Dat staatssecretaris Hans Hoogervorst van Sociale Zaken deze week de voorlichtingscampagne tegen RSI staakte, heeft alles te maken met het negatieve commentaar van de Utrechtse psychiater prof. dr. Frank Koerselman op het RSI-advies van de Gezondheidsraad. Zowel het advies (samen te vatten als: 'RSI verdient meer aandacht') als het commentaar ('RSI verdient geen aandacht') dateren van ruim een jaar geleden.
In een brief aan de raad had de staatssecretaris al laten weten dat hij zich zorgen maakte over de maatschappelijke gevolgen van het gebruik van de term RSI. Bestaat bij een dergelijk globaal geformuleerde definitie bijvoorbeeld niet het gevaar dat mensen worden herkend of zichzelf herkennen als RSI-patiënt, vroeg hij zich af. Door de term RSI te gebruiken voor zowel specifieke als a-specifieke klachten wordt, aldus de staatssecretaris, de begrenzing van wat wel en niet onder RSI valt, moeilijk te bepalen.
Ook Koerselman, die op verzoek van Hoogervorst het advies van de Gezondheidsraad fileerde, komt tot die slotsom. Volgens hem had de Gezondheidsraad op basis van de bestaande kennis omtrent RSI ook kunnen concluderen dat 'RSI' geen diagnose is.
Hij onderscheidt binnen de definitie van de Gezondheidsraad vier groepen van 'RSI'-patiënten. Groep één bestaat uit patiënten met een aantoonbare lichamelijke afwijking, zoals het carpaal-tunnelsyndroom. Groep twee lijdt eigenlijk aan een psychiatrisch somatoforme stoornis. In de derde groep hebben patiënten klachten die een uitdrukking zijn van stress of overbelasting: zij lijden aan een zogenaamde aanpassingsstoornis. Ten slotte is er nog een restcategorie: bij hen, zegt Koerselman, zijn de klachten geen uiting van ziekte. Ook die categorie mag daarom niet worden aangeduid met het begrip RSI en zou per implicatie ook niet in aanmerking moeten komen voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering. Ergo: RSI bestaat niet, althans het is, zo meent de psychiater, in de praktijk een onbruikbaar begrip.
De Gezondheidsraad legde het commentaar van Koerselman naast zich neer. Deze week nog liet prof. dr. Monique Frings-Dresen, voorzitter van de commissie RSI die namens de Gezondheidsraad het gewraakte advies uitbracht, in De Telegraaf weten dat er al enige tijd een protocol bestaat waarmee is vast te stellen of iemand echt RSI heeft. Stoppen met de voorlichtingscampagne is niet goed, vindt ze: Daardoor bereik je veel groepen niet die in de toekomst kans lopen op RSI.
Artikelen
Herhaling van zetten in MC 36-2001 Documenten
Documenten
Het advies van Koerselman:
RSI.doc
Het RSI-rapport van de Gezondheidsraad van 27 november 2000 is op de site van de raad te vinden. Kies 'publicaties' en vervolgens onder 'algemeen': pdf-bestand. De rapporten staan chronologisch gerangschikt.
Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Helft ziekenhuizen plaatste schadelijke kunstheup | ||
| Beademen tegen hypertensie | ||
| IGZ wil onveilige operateurs uitsluiten | ||
| Minder trombo-embolie door aspirine | ||
| Toch private kankerkliniek in Boxmeer | ||
| GGD Zuid-Holland West in de problemen |


