U bent nu hier:

Inspectie: toename CHP’s vraagt aandacht

Kwaliteitscriteria voor dienstenstucturen zijn niet uniform uitgewerkt, het aantal het aantal dienstdoende huisartsen stemt niet overeen met de populatie waarvoor dienst wordt gedaan, reisafstanden voor de patiënt worden groter en er moet aandacht worden besteed aan een verantwoorde taakdelegering. Dit stelt de Inspectie voor de Gezondheidszorg in het jaarverslag dat deze week is gepresenteerd.



Er ontstaan steeds meer centrale dienstenstructuren voor de huisartsgeneeskundige zorg buiten kantooruren. Momenteel zijn 60 centrale huisartsenposten (CHP’s) opgericht. Voor een landelijke dekking zijn ongeveer 95 CHP’s nodig, aldus de Inspectie. Naar aanleiding van meldingen heeft de Inspectie onderzoek gedaan bij een aantal huisartsenposten.


De overheid heeft de ontwikkeling van de centrale dienstenstructuren sterk gestimuleerd. Sinds kort worden de centrale dienstenstructuren officieel aangemerkt als ‘instellingen’ in het kader van de Kwaliteitswet zorginstellingen.



In de praktijk blijken de dienstenstructuren op verschillende manieren te zijn georganiseerd. Er zijn coöperatieve verenigingen, waarin de organisatorische verantwoordelijkheid gedeeld wordt door de huisartsen. Daarnaast zijn er stichtingen, waarbij de huisartsen alleen voor de diensten worden ingezet en de organisatorische verantwoordelijkheid bij de stichting blijft. Ook verschillen de faciliteiten op locatie: soms bij een ziekenhuis, soms bij een Centrale Post Ambulancevervoer (CPA), soms zelfstandig. Dit kan leiden tot verschil in afstemming met andere zorgverleners.


 Uit het jaarverslag:


– Er is aandacht nodig om taken op verantwoorde wijze toe te delen aan andere disciplines, zoals voor de telefonische intake ofwel de triage door de doktersassistente.
– Er is verbetering nodig van de eindverantwoordelijkheid van de huisarts (die zich bijvoorbeeld uit in controle van alle adviezen die de assistente heeft gegeven).
– De achterwacht moet worden geprofessionaliseerd.
– Er moet meer gelegenheid komen voor intercollegiale toetsing en controle.
– Het moet transparanter worden hoe de huisarts handelt tijdens diensten.
– Het is belangrijk om in de opleiding en bij- en nascholing van doktersassistenten aandacht te besteden aan functioneren in grote structuren.
– Door de toenemende capaciteitsproblemen in de huisartsenzorg is een vangnet nodig om de 24-uurscontinuïteit van zorg voor de patiënten te garanderen in gevallen waar een huisartsenpraktijk géén huisarts heeft.


Artikelen
Veranderlijke verantwoordelijkheden - MC 2002/10
Wie is in een huisartsenpost verantwoordelijk voor de doktersassistent? De organisatie van de telefonische triage in de huisartsenposten is kwalitatief nog ver onder de maat. Voor de dienstdoende arts kan dat  vervelende consequenties hebben. Want wie is verantwoordelijk als de centralist een fout maakt: de huisarts of het bestuur van de huisartsenpost? Het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg kiest voor de waarnemer, maar toonaangevende gezondheidsjuristen hebben hun twijfels

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

«« Meer nieuws

Medisch Contact op Facebook

Lees- kijk- en uittips, cartoons, columns en andere interessante artikelen eenvoudig in je facebookoverzicht.

Vind ik leuk :-)

Volg Medisch Contact op Twitter

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd