Huisarts mag aantal verzekeraars beperken
Huisartsen mogen het aantal zorgverzekeraars beperken met wie zij administratief te maken hebben. Dat bepaalde de rechter in Utrecht donderdag in een kort geding.
Zes verre zorgverzekeraars hadden de zaak aangespannen tegen de Medische Maatschap IJsselstein. De huisartsen van de maatschap hadden 1.500 patiënten, die niet waren verzekerd bij een verzekeraar in de buurt, gevraagd een zorgverzekeraar uit de regio te kiezen of naar een andere huisarts te gaan. Omdat er bij de verre verzekeraars maar weinig patiënten zijn aangesloten, leveren ze de huisarts naar verhouding veel administratief werk op. Verreweg de meeste patiënten kozen ervoor bij de huisarts te blijven en de rekening met het passantentarief naar de verzekeraar door te sturen.
Hans Elzendoorn van de Landelijke Huisartsenvereniging (LHV) is blij met de uitspraak. De rechter heeft de huisartsen in alle opzichten gelijk gegeven. Hij wijst erop dat de rechter het zorgvuldig noemde dat de huisartsen hun patiënten per brief op de hoogte stelden van de mogelijkheden nu die verre ziekenfondsen ( ) daartoe kennelijk geen aanleiding hebben gezien, citeert hij het vonnis.
Het is onzin dat de keuzevrijheid van de patiënt hiermee in het geding komt, zoals de verzekeraars stellen, zegt Elzendoorn. De patiënt is nog steeds even welkom bij de huisarts. De enige consequentie is dat dit administratief anders wordt afgehandeld.
Volgens Elzendoorn heeft de rechter oog voor het algemeen belang. Het huisartsentekort loopt steeds verder op, dus het is belangrijk dat huisartsen zich aan hun primaire taak van gezondheidszorg kunnen wijden. We hebben uitgerekend dat de administratieve rompslomp is opgelopen tot twintig procent van de werktijd.
Uit het vonnis van 13 juni 2002: De huisartsen van gedaagde hebben voldoende aannemelijk gemaakt dat zij vanuit hun oogpunt voldoende gerechtvaardigde beweegredenen hebben om het aantal zorgverzekeraars met wie zij administratief te maken hebben, te willen beperken en om derhalve geen overeenkomsten meer te sluiten met de verre ziekenfondsen, waarbij immers slechts weinigen van hun patiënten zijn aangesloten. Gedaagde heeft in dit verband betoogd dat er per huisarts 20 tot 25 medewerkersovereenkomsten gesloten plachten te worden, dat daartoe steeds apart onderhandeld moest worden, dat alle ziekenfondsen verschillende formulieren en procedures hanteren en dat er van enige onderlinge afstemming tussen de ziekenfondsen geen sprake is. De situatie wordt, aldus gedaagde, nog veel ingewikkelder zodra er sprake is van verlening van extra, buiten het abonnementstarief vallende zorg (flexizorg), waarvoor per verrichting steeds verschillende formulieren moeten worden gezonden naar de diverse ziekenfondsen en waarvan de tarieven per ziekenfonds kunnen verschillen en steeds kunnen wisselen. Aannemelijk is derhalve dat gedaagde er op zichzelf voldoende belang bij heeft het aantal ziekenfondsen waarmee zij zaken moet doen te beperken. In ieder geval moet het standpunt van eisers, dat gedaagde weigert nieuwe overeenkomst aan te gaan (louter) teneinde de druk op de minister van VWS om de tarieven te verhogen kracht bij te zetten, worden verworpen.
Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Helft ziekenhuizen plaatste schadelijke kunstheup | ||
| Beademen tegen hypertensie | ||
| IGZ wil onveilige operateurs uitsluiten | ||
| Minder trombo-embolie door aspirine | ||
| Toch private kankerkliniek in Boxmeer | ||
| GGD Zuid-Holland West in de problemen |


