U bent nu hier:

Minder calorieën, langer leven

Een over langere tijd volgehouden beperkte calorieconsumptie verhoogt de levensverwachting van knaagdieren en andere kort levende soorten. Maar hoe dat bij mensen zit, is onbekend. Beperking van de calorie-inname zou, volgens op zijn minst één theorie, invloed hebben op het metabolisme, zoals veranderingen in de insulinegevoeligheid, in neuro-endocriene functies, in stressreacties of een combinatie daarvan.

Leonie Heilbronn c.s. gingen het effect na van beperkte calorieconsumptie gedurende een halfjaar bij mensen (n = 48) met overgewicht en vonden dat dit resulteerde in een afname van het insulinegehalte, van de lichaamstemperatuur (gemeten met een telemetrische pil) en van DNA-schade. Ze merken op dat deze maten biomarkers zijn voor een hoge levensverwachting.

De wetenschappers die hun studie publiceerden in Journal of the American Medical Association (JAMA) van 5 april, verdeelden de deelnemers aan hun onderzoek in vier groepen. Calorierestrictie kwam voor in drie varianten: één groep nam 25 procent minder calorieën dan noodzakelijk voor een basale energiebalans (die per individu was vastgesteld). De tweede groep moest het met 12,5 procent minder calorieën stellen en werd geacht sportieve bezigheden te ontplooien, waardoor er 12,5 procent calorieën meer werden verbrand dan voordien. De derde groep werd op een zeer laag calorisch dieet gezet: 890 kcal/dag totdat een gewichtsreductie van 15 procent was bereikt. Daarna kregen deze personen een dieet om dit gewicht vast te houden. De controlegroep kreeg uitsluitend zo’n dieet met als doel stabiliteit van het gewicht. Na zes maanden was het gemiddelde gewichtsverlies in de controlegroep dan ook maar 1 procent. In de verschillende calorierestrictiegroepen was dat aanmerkelijk hoger. De 25-procentgroep scoorde ruim 10 procent gewichtsreductie, de 12,5-procentgroep ook 10 procent, en de laag-calorische groep bijna 14 procent. Ook de insulinegehalten waren bij deze groepen significant lager. Verandering in lichaamstemperatuur trad alleen in de eerste twee interventiegroepen op. Oxidatieve DNA-beschadigingen bleken vergeleken met de controlegroep geringer in alle interventiegroepen. Een zeer interessant gegeven, meent commentator Luigi Fontana, want de oxidatieve stresshypothese is momenteel een van de meest geaccepteerde verklaringen voor veroudering op biochemisch en cellulair niveau. << HM

JAMA 2006, 295: 1539-48, 1577-8

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

«« Meer nieuws

Medisch Contact op Facebook

Lees- kijk- en uittips, cartoons, columns en andere interessante artikelen eenvoudig in je facebookoverzicht.

Vind ik leuk :-)

Volg Medisch Contact op Twitter

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd