Sneller Beter kan nog beter
Sneller Beter werkt, maar de doelstellingen zijn nog niet gehaald. De Tweede Kamer kreeg vandaag een brochure met de eerste resultaten.
In het kader van Sneller Beter werken afdelingen van 24 ziekenhuizen elk twee jaar projectmatig aan een betere patiëntenlogistiek en meer patiëntveiligheid: acht ziekenhuizen begonnen in oktober 2004, een jaar later gevolgd door acht andere; de acht laatste sluiten zich dit najaar aan. Het samenwerkingsverband van CBO, iBMG en Orde dat het project ondersteunt en begeleidt, publiceerde deze week de gegevens van een meting in de eerste acht ziekenhuizen over het jaar 2005.
In dat jaar, zo blijkt, is de gemiddelde toegangstijd tot de poliklinieken met 42 procent gedaald van 48 naar 28 dagen, althans bij de zestien poliklinieken (in zeven ziekenhuizen) die aan dat deelproject meededen. Een opvallende daling, zij het dat het doel van het project - een wachttijd van minder dan een week - niet is gehaald.
In zeven afdelingen (van vier ziekenhuizen) is geprobeerd de pijn in de eerste drie dagen na de operatie te vermin-deren tot een VAS-score van maximaal 4. Ook hier hebben de meeste afdelingen dat doel nog niet gehaald; wel is de maximale pijnscore gedaald van 5,2 naar 4,1, een daling van 21 procent.
Het percentage patiënten met decubitus (gemeten in negentien afdelingen) daalde in het eerste jaar van Sneller Beter van 12 procent naar 5 procent, een daling met gemiddeld 58 procent. Volgens de onderzoekers kan het uiteindelijke doel (een percentage onder de 5) op den duur worden gehaald.
Ook als het gaat om de tijd dat patiënten in het ziekenhuis liggen, is de doelstelling nog niet gehaald. Zou de gemiddelde ligduur met 30 procent moeten afnemen, in 2005 daalde deze (in zes afdelingen in vier ziekenhuizen) gemiddeld met 25 procent, van 8 tot 6 dagen. Op een afdeling Vaatchirurgie ging de ligduur zelfs met 18 procent omhoog, van 11 naar 13 dagen.
De gemiddelde doorstroomtijd, dat is de tijd tussen het eerste bezoek van de patiënt aan de polikliniek en de start van de behandeling, nam in het meetjaar (in zes poliklinieken) gemiddeld af van 60 tot 41 dagen, een daling met 32 procent. Drie afdelingen zagen de doorstroomtijd met 40 tot 90 procent dalen, zoals het streven is. Programmaleider Loes Pijnenborg verwacht niet dat alle doelstellingen overal zullen worden gehaald: Ze zijn zó geformuleerd dat de lat altijd hoger ligt. Maar een afdeling kan al heel blij zijn als een zeer lange doorlooptijd flink korter wordt, ook al weet men dat het nóg beter kan.
Dat afdelingoverstijgende verbeteringen niet van de grond komen omdat de anderen niet willen meewerken, is een achterhaald excuus, zegt Pijnenborg: In Sneller Beter gaan we uit van wat er wèl kan en niet van wat er allemaal níet kan. En dus kijken we eerst wat er binnen de eigen afdeling aan verbetering mogelijk is.
Pijnenborg denkt niet dat alle afdelingen na afloop van het project weer in de oude routines vervallen: In de meeste ziekenhuizen zijn enkele verbeteringen opgenomen in de planning & control-cyclus. En daarmee wordt geregeld nagegaan of er nog steeds volgens de nieuwe procedures wordt gewerkt.
De brochure Sneller Beter werkt! is te vinden via www.medischcontact.nl. << JV
Brochure "Sneller Beter werkt"
Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Magnesium helpt niet na SAB | ||
| Rapport: ‘Te weinig chirurgen in Boxmeer’ | ||
| Kamerlid wil debat over MoM-heupen | ||
| ‘Doping heeft ten onrechte slechte naam’ | ||
| ‘Klaag ziekenhuis aan om MoM-kunstheup’ | ||
| Helft ziekenhuizen plaatste schadelijke kunstheup |


