2 mei 2010
Lage sterfte onder Nederlandse mannen tot 59
De sterfte onder Nederlandse volwassen mannen is laag vergeleken met de sterfte in veel andere landen. Nederlandse vrouwen zijn minder goed af.
beeld: Shutterstock
In het verlagen van de wereldwijde kindersterfte wordt veel energie en geld gestoken. Dat staat in schril contrast met de aandacht voor de sterfte onder volwassen, schrijft een Amerikaans-Australisch onderzoeksteam in een online publicatie van The Lancet. Er zijn dan ook nauwelijks betrouwbare gegevens over. En dat is ten onrechte; het gaat immers om het productieve deel van de wereldbevolking. En in absolute aantallen sterven er ruim drie keer meer volwassenen dan kinderen tot 5 jaar.
Om de lacune te vullen hebben de onderzoekers gegevens uit bijna 4000 bevolkingsonderzoeken uit de hele wereld verzameld in een gigantische databank. Op basis daarvan hebben ze de mortaliteit onder volwassenen van 15 tot 59 tussen 1970 en 2010 vastgesteld.
Hun overzicht levert een aantal opvallende resultaten op. Om dicht bij huis te blijven: de sterfte onder Nederlandse mannen was laag en is laag gebleven. In 1970 was het sterftecijfer onder Griekse mannen het laagst ter wereld. Nederlandse mannen eindigden op de achtste plaats. In 2010 zijn de Nederlandse mannen opgeklommen naar de vierde plaats. Slechts twee andere landen (Zweden en Noorwegen) handhaafden zich eveneens in de top tien.
De sterfte van Nederlandse vrouwen steeg juist. In 1970 eindigden ze op de vijfde plaats. In 2010 zijn er vijfentwintig landen waar het sterftecijfer onder volwassen vrouwen lager is. De neergang van de Nederlandse vrouwen is nog niks vergeleken met de neergang van Paraguayaanse mannen (van plaats 5 in 1970 naar plaats 77 in 2010) en de opkomst van de Zuid-Koreaanse vrouwen (van plaats 123 in 1970 naar plaats 2 in 2010).
De auteurs signaleren een aantal algemene trends. In veertig jaar tijd nam wereldwijd de mortaliteit onder volwassen vrouwen af met 34 procent en onder mannen met 19 procent. Vooral in Zuid-Azië was de winst groot. Tussen 1990 en 1995 was er juist een tijdelijke toename van de mortaliteit. De auteurs schrijven die toe aan de hiv-epidemie en aan de gevolgen van het uiteenvallen van de Sovjet-Unie.
Tijdens het onderzoek bleken veel gegevens niet beschikbaar. Gezien het belang ervan, pleiten de auteur daarom voor routinematige registratie van de mortaliteit onder volwassenen.
Robert Crommentuyn
The Lancet 2010, doi:10.1016/S0140-6736(10)60517-X: Worldwide mortality in men and women aged 15—59 years from 1970 to 2010: a systematic analysis
Meer nieuws
Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?
| Datum | Titel | |
|---|---|---|
| Magnesium helpt niet na SAB | ||
| Rapport: ‘Te weinig chirurgen in Boxmeer’ | ||
| Kamerlid wil debat over MoM-heupen | ||
| ‘Doping heeft ten onrechte slechte naam’ | ||
| ‘Klaag ziekenhuis aan om MoM-kunstheup’ | ||
| Helft ziekenhuizen plaatste schadelijke kunstheup |


