U bent nu hier:

Olympische dokters

Meer dan negentig Nederlandse artsen en geneeskundestudenten hebben sinds 1900 deelgenomen aan de Olympische Spelen. Lees Meer

Nieuwste column

    Meevoelend

    Meevoelend  |  Het verpleeghuis betekent niet altijd kommer en kwel, maar de coassistent die deze week meeloopt hoort mij wel erg vaak zeggen: ‘zielig hè’ of ‘triest eigenlijk’ of ‘beetje hopeloos dit’ en aan het eind van de dag is ze zo overvoerd met ellende dat ze zich hardop afvraagt hoe ik het volhoud. »»
    Reacties: 1 reactie


Tuchtzaak

    Het gevaar van het eigen gelijk

     |  Dit item is beschikbaar als u bent ingelogd.
    Inloggen
     | Een uroloog wantrouwt de uitslag van pathologisch onderzoek bij een prostaatkankerpatiënt. Hij vraagt geen revisie aan, maar houdt vast aan zijn eigen diagnose. Waardoor de dood als een volslagen verrassing komt voor de patiënt en zijn vrouw.    


Webshop

                                               

Ga naar de shop »»

Te beperkt

Een patiënte wordt opgenomen met een spontane breuk in haar bovenbeen. De oorzaak is een metastase vanuit een grawitztumor. Hiervoor was zij al onder behandeling. De opname volgt ruim tien dagen nadat een röntgenfoto is gemaakt. De radioloog constateerde, behalve de breuk, geen afwijkingen. De metastase was echter duidelijk te zien. Tijdens de zitting geeft de radioloog toe dat hij de metastase over het hoofd heeft gezien omdat hij doorgaans alleen naar dat deel van de foto kijkt, waarvoor zijn aandacht is gevraagd. Het college vindt dat hij zijn taak te beperkt opvat en geeft hem een waarschuwing.

Zaaknummer: RTC ’s-Gravenhage 2007 H 118
Specialisme: Radioloog
Uitspraak: Waarschuwing
Klager: Nabestaande patiënt
Feiten: Klager verwijt de arts dat deze een ernstige fout heeft gemaakt door zich te weinig te verdiepen in de casus bij de beoordeling van de foto’s en dat hij over het hoofd heeft gezien dat de breuk in het bovenbeen het gevolg van een metastase was.
Leermoment: De arts had zich niet mogen concentreren op het deel van de foto (hier het heupgewricht) waarvoor in het aanvraagformulier zijn aandacht was gevraagd. De verstrekte klinische informatie dient een hulpmiddel te zijn bij de beoordeling van de gehele foto, waarbij de beoordelaar er bedacht op moet zijn dat de aangegeven pijnklachten mogelijk anatomisch niet overeenkomen met de eventuele afwijking. Van een radioloog wordt niet verwacht dat hij zelfstandig onderzoek doet naar de voorgeschiedenis van de patiënt, en daartoe kennis neemt van het medisch dossier. Het is daarom te betreuren dat in de aanvraag geen melding was gemaakt van de Grawitz tumor, maar hoewel dit een verzachtende omstandigheid moge zijn neemt dit de verwijtbaarheid van de arts niet weg.

Klik hier voor de pdf-versie van dit artikel


Datum uitspraak: 18 november 2008

Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te 's-Gravenhage heeft de navolgende beslissing gegeven inzake de klacht van: A, wonende te B, klager, tegen: C, radioloog, wonende te D, werkzaam te E, de persoon over wie geklaagd wordt, hierna te noemen de arts.


1.  Het verloop van het geding

Het klaagschrift is ontvangen op 8 juli 2007. Mr. F werkzaam bij G te H, heeft namens de arts op het klaagschrift gereageerd, waarbij zij onder meer een persoonlijke schriftelijke reac-tie van de arts heeft bijgevoegd. Daarna hebben partijen gerepliceerd en gedupliceerd. Partij-en hebben geen gebruik gemaakt van de gelegenheid om in het vooronderzoek mondeling te worden gehoord. De mondelinge behandeling door het College heeft plaatsgevonden ter openbare terechtzitting van 23 september 2008. Partijen zijn verschenen, de arts vergezeld van mr. F Allen hebben hun standpunten mondeling toegelicht.

 


2.  De feiten en de klacht

De moeder van klager, mevrouw I, geboren op … (hierna te noemen patiënte), is van 28 april tot en met 2 mei 2007 op afdeling S orthopedie van het J te E (hierna: het Ziekenhuis) opge-nomen geweest, dit in verband met een spontane breuk van haar bovenbeen. De oorzaak van de breuk was een metastase vanuit een Grawitz tumor. Hiervoor was zij al enige tijd onder behandeling van de uroloog, oncoloog en internist. Tevens was zij onder behandeling van de cardioloog in verband met een decompensatio cordis waarvoor zij in 2001/2002 in het Zie-kenhuis opgenomen was geweest.

In verband met pijn in haar heup en/of linker bovenbeen is na verzoek van de huisarts door de arts op 17 april 2007 een röntgenfoto in het ziekenhuis gemaakt. De arts heeft deze foto beoordeeld; de uitslag was dat geen afwijkingen waren gevonden.

Op 28 april 2007 werden opnieuw foto’s gemaakt waarop bleek dat de breuk door genoemde metastase was ontstaan.

Klager heeft zich bij brief van 6 mei 2007 tot de klachtencommissie van het Ziekenhuis ge-wend die op alle in de brief besproken aspecten op 28 mei 2007 schriftelijk heeft gereageerd.

Patiënte is na de indiening van de klacht bij het College in juni 2007 overleden.

Klager verwijt de arts dat deze een ernstige fout heeft gemaakt door zich te weinig te verdie-pen in de casus bij de beoordeling van de foto’s van 17 april 2007 en dat hij over het hoofd heeft gezien dat de breuk in het bovenbeen het gevolg van een metastase was. Ten gevolge hiervan heeft patiënte onnodig veel leed ondervonden. Ook vraagt klager aandacht voor de emotionele druk op hem en zijn gezin: zij hebben met de hulp van de thuiszorg patiënte in de laatste dagen bij klager thuis verpleegd en verzorgd. Klager verwijt de arts tevens arrogant gedrag, waarbij hij verwijst naar de inhoud van het verweer van de arts en de motivering van het schriftelijk commentaar van de klachtencommissie.


3.  Het standpunt van de arts

De arts heeft de klachten bij verweerschrift besproken. Daarop zal voor zover nodig worden ingegaan.


4. De beoordeling
 
4.1.

In het aanvraagformulier van de huisarts staat
“ Gevraagd onderzoek: X-heup (L)
   datum aanvraag: 16/4/07
   Medische gegevens en vraagstelling:
   1 mnd geleden gevallen
   - persisterend pijn
   ( L )heupregio
   vr: -coxarthrose?
        - impressie#??”

De arts erkent volmondig dat hij bij de beoordeling van de foto’s de duidelijk aanwezige metastase heeft gemist. Hij heeft dit in de stukken verklaard, en ter terechtzitting toegelicht, omdat hij op de vraagstelling als omschreven in het aanvraagformulier is afgegaan. Daarom heeft hij zich geconcentreerd op het heupgewricht inclusief de femurkop en de hals, het ove-rige deel van het bekken en het afgebeelde deel van de lumbale wervelkolom. Dit was voor hem de gebruikelijke werkwijze. Hij had de gewoonte om de foto’s voor het deel buiten het gebied waarvoor zijn aandacht werd gevraagd, niet in zijn beoordeling te betrekken. Door deze “be-perkte” beoordeling heeft hij de evidente onregelmatigheid in de proximale femurschacht niet opgemerkt. De huisarts heeft in de aanvraag geen melding was gemaakt van de Grawitz tumor. De arts heeft deze beperkte werkwijze na de onderhavige misbeoordeling inmiddels verlaten.


4.2.

Het college oordeelt dat de arts zijn taak als radioloog te beperkt heeft opgevat. De arts had zich niet mogen concentreren op het deel van de foto (hier het heupgewricht) waarvoor in het aanvraagformulier zijn aandacht was gevraagd. De verstrekte klinische informatie dient een hulpmiddel te zijn bij de beoordeling van de gehele foto, waarbij de beoordelaar er bedacht op moet zijn dat de aangegeven pijnklachten mogelijk anatomisch niet overeenkomen met de eventuele afwijking. Van de radioloog wordt niet verwacht dat hij zelfstandig onderzoek doet naar de voorgeschiedenis van de patiënt, en daartoe kennis neemt van het medisch dossier. Het is daarom te betreuren dat in de aanvraag geen melding was gemaakt van de Grawitz tumor, maar hoewel dit een verzachtende omstandigheid moge zijn neemt dit de verwijtbaar-heid van de arts niet geheel weg. Dit klachtonderdeel is gegrond.


4.3.

Het tweede klachtonderdeel is ongegrond. Waaruit het aan de arts verweten arrogante gedrag bestaat, is het college niet duidelijk geworden. Zowel in de stukken als tijdens de terechtzit-ting heeft de arts én toegegeven dat hij fout heeft gehandeld én met zijn motivering duidelijk gemaakt dat hij zich toetsbaar heeft willen opstellen. Mogelijk voelt klager zich tekort ge-daan door de brief en de motivering van de klachtencommissie, maar een en ander staat los van de verwijten aan de arts. Ter zitting is zelfs gebleken dat de arts van die brief niet in ken-nis is gesteld. Voorts heeft hij uitgelegd dat hij, toen hij geconfronteerd werd met de inge-diende klacht, het niet gepast vond om met klager contact op te nemen. Over deze beslissing kan in een geval als het onderhavige gediscussieerd worden, maar dat neemt niet weg dat de arts van zijn keuze tuchtrechtelijk geen verwijt te maken valt. 


5.  De beslissing

Het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg te ’s-Gravenhage beslist als volgt: Legt de arts de maatregel van waarschuwing op. Deze beslissing is gegeven door: mr. J.S.W. Holtrop, voorzitter, mr. R.A. Dozy, lid-jurist, dr. mr. P.H.M.T. Olde Kalter, prof. dr. M.W. Hengeveld en drs. J. Edwards van Muijen, leden-artsen, bijgestaan door mr. A.F. de Kok, secretaris en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 18 november 2008.

Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?

Volg Medisch Contact op Twitter

Best gewaardeerde docs

Meer documentaires »»

Best gewaardeerde films

Meer films »»

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd