Olympische dokters
Meer dan negentig Nederlandse artsen en geneeskundestudenten hebben sinds 1900 deelgenomen aan de Olympische Spelen. Lees Meer
Nieuwste column
Meevoelend
23-05-2012 |
Het verpleeghuis betekent niet altijd kommer en kwel, maar de coassistent die deze week meeloopt hoort mij wel erg vaak zeggen: ‘zielig hè’ of ‘triest eigenlijk’ of ‘beetje hopeloos dit’ en aan het eind van de dag is ze zo overvoerd met ellende dat ze zich hardop afvraagt hoe ik het volhoud. »»
Reacties: 1 reactie
Tuchtzaak
Het gevaar van het eigen gelijk
22-05-2012 |
Dit item is beschikbaar als u bent ingelogd.
Inloggen
| Een uroloog wantrouwt de uitslag van pathologisch onderzoek bij een prostaatkankerpatiënt. Hij vraagt geen revisie aan, maar houdt vast aan zijn eigen diagnose. Waardoor de dood als een volslagen verrassing komt voor de patiënt en zijn vrouw.
CVA gemist
Tijdens het weekend brengt een huisarts een bezoek aan een voormalige patiënte van hem. Ze heeft de huisartsenpost gebeld vanwege een verdoofd gevoel in de mond en hevige hoofdpijn. Hoewel zijn haio aan een TIA denkt, ziet de huisarts daarvoor onvoldoende aanwijzingen en diagnosticeert stress. Later blijkt er toch sprake van een CVA. Het college wijst de arts erop dat hij de NHG-Standaard CVA M81 onvoldoende in acht heeft genomen. Onderzoek naar het gezichtsveld en de kracht van de onderste extremiteiten ontbraken. De arts had de neuroloog moeten bellen, wat waarschijnlijk tot poliklinisch onderzoek had geleid, maar bovenal had hij niet moeten nalaten carbasalaatcalcium (Ascal) voor te schrijven.
| Zaaknummer | Zwolle 179/2007 |
| Specialisme | Huisarts (en huisartsopleider) |
| Uitspraak | Waarschuwing |
| Klager | Patiënten |
| Feiten | Klaagster was tot ongeveer twaalf jaar geleden patiënt bij verweerder. Zij was toen bij verweerder bekend met aangezichtspijn, hoofdpijn en prikkelingen. Klaagster heeft contact opgenomen met de huisartsenpost vanwege gevoeld van verdoving in de mond en hevige hoofdpijn. Verweerder die op dat moment dient had, heeft daarop een visite afgelegd, samen mij zijn derdejaars huisarts in opleiding (HAIO) Verweerder heeft daarbij de NHG Standaard CVA M81 niet in acht genomen waar het betreft evaluatie en het verwijsbeleid en hij de diagnose TIA gemist hoewel zijn HAIO daar wel aanwijzingen voor zag. |
| Leermoment | Het is onzorgvuldig dat verweerder mede op grond van zijn ervaringen met klaagster meer dan twaalf jaar geleden de diagnose TIA betwijfelt en concludeert tot stress. Als verweerder had gebeld met de neuroloog was hem naar alle waarschijnlijkheid geadviseerd klaagster een afspraak te laten maken voor poliklinisch onderzoek over enkele dagen maar ook en vooral om klaagster ascal voor te schrijven. Het staat weliswaar niet vast dat dit medicament klaagster had geholpen, maar uitgesloten is het niet. Door na te laten ascal te geven heeft verweerder klaagster de kans ontnomen dat het middel wel zou helpen. |
Beslissing d.d. 22 januari 2009 naar aanleiding van de op 31 augustus 2007 ingekomen klacht van
A en B, wonende te C; klagers. Tegen D, huisarts, werkzaam te C, bijgestaan door mr. E; verweerder.
1. verloop van de procedure
Klager heeft een klaagschrift ingediend voorzien van bijlagen. Verweerder heeft een verweerschrift ingediend voorzien van bijlagen. Zij hebben vervolgens gerepliceerd en gedupliceerd. Op verzoek van de secretaris van het College zijn de medische dossiers van klaagster ingezonden door haar huisarts, E te C en door de klachtenbemiddelaar van de F eveneens te C.
Partijen hebben afgezien van de hun geboden mogelijkheid om te worden gehoord in het kader van het vooronderzoek.
De zaak is behandeld ter openbare zitting van 5 december 2008, alwaar zijn verschenen klagers en verweerder in persoon, verweerder bijgestaan door zijn raadsman.
2. de feiten
Op grond van de stukken waaronder de medische dossiers dient, voor zover van belang voor de beoordeling van de klacht, van het volgende te worden uitgegaan.
Verweerder voert de huisartsenpraktijk in C in een gezondheidscentrum en de huisartsen van dat centrum hebben zich voor de diensten aangesloten bij de huisartsenpost C.
Klagers zijn tot ongeveer twaalf jaar geleden patiënt geweest bij verweerder. Omdat de artspatiëntrelatie te wensen overliet hebben klagers de praktijk van verweerder verlaten.
Klaagster was uit die tijd bij verweerder bekend met aangezichtspijn, hoofdpijn en prikkelingen.
Klagers hebben sinds ongeveer 2000 genoemde E als huisarts.
Klaagster neemt op zondag 21 januari 2007 contact op met de huisartsenpost en spreekt met de assistente. Deze noteert: “ongv half uurtje geleden gevoel van verdoving in de mond, mond hangt niet, voelt met praten ook verdooft, ook in re hand dovig, fast arm re-arm is wel heel zwaar zakt iest naar beneden, praten was ook wat onduidelijk, lijkt nu wel weer wat op te knappen. Vanmorgen wakker geworden met ontzettende hoofdpijn, heeft toen naproxen/natrium genomen. Gebruikt geen med.”
Verweerder, die op dat moment dienst heeft op de huisartsenpost, legt daarop een visite af, samen met zijn derdejaars huisarts in opleiding (HAIO). Verweerder en de HAIO arriveren 10 minuten later bij klagers.
De HAIO noteert de gezamenlijke bevindingen van hem en verweerder: “vanochten hoofdpijn. Vanmiddag plotseling tintelend gevoel in de rechterwang en mond. Klachten nu minder maar nog wel wat doof gevoel in de wang. Laatste tijd ook vaak hartkloppingen, daar voor metoprolol gekregen, gebruikt dit alleen bij klachten, vandaag niet genomen. Drukke week achter de rug met veel stress. Heeft vorm van cluster headake.
(O) Tanden laten zien gb, fronsen gb, ogen sluiten gb, gestrekte armen naar voren steken gb, kracht in handen goed. RR 180/100 pols 120
(E) Spanning
(P) metoprolol innemen, dagelijks.”
De HAIO denkt aan een TIA maar vanwege het ontbreken van een scheve mond en de volgens verweerder niet-afwijkende spraak twijfelt verweerder aan die diagnose. Ook beoordeelt verweerder klaagsters gang als niet bijzonder.
Verweerder acht onvoldoende argumenten aanwezig om tot een TIA/CVA te concluderen en stelt als diagnose stress. Verweerder ziet geen reden voor verder neurologisch onderzoek.
De volgende dag gaat klaagster naar de fysiotherapeut. Zij adviseert klaagster naar de huisarts te gaan. Huisarts E verwijst klaagster op 24 januari 2007 naar de neuroloog. Klaagster kan daar op 31 januari 2007 terecht.
Uit onderzoek blijkt dat klaagster waarschijnlijk toch een klein ischaemisch CVA heeft gehad.
3. de klacht
Klagers verwijten verweerder – zakelijk weergegeven – dat hij onzorgvuldig is geweest bij het stellen van de diagnose tijdens het consult van zondag 21 januari 2007. Klagers verwijten verweerder dit des te meer omdat hij een goed voorbeeld moest zijn voor de HAIO.
4. het verweer
Het verweer komt er – zakelijk weergegeven – op neer dat hij heeft gehandeld overeenkomstig de vereiste zorgvuldigheid. Verweerder meent dat, zo hij al de diagnose TIA/CVA heeft gemist, dit in ieder geval niet tuchtrechtelijk verwijtbaar is gebeurd.
5. overwegingen van het College
5.1 Het College wijst er allereerst op, dat het bij de tuchtrechtelijke toetsing van professioneel handelen er niet om gaat of dat handelen beter had gekund, maar om het geven van een antwoord op de vraag of de beroepsbeoefenaar bij het beroepsmatig handelen is gebleven binnen de grenzen van een redelijk bekwame beroepsuitoefening, rekening houdend met de stand van de wetenschap ten tijde van het klachtwaardig geachte handelen en met hetgeen toen in de beroepsgroep ter zake als norm of standaard was aanvaard.
Bij dit criterium dient in dit geval wel in aanmerking te worden genomen dat verweerder huisartsopleider is.
5.2 De wijze waarop verweerder met de HAIO op verdenking van een CVA in tien minuten tijd heeft gereageerd op het telefoontje naar de huisartsenpost door het afleggen van een visite acht het College heel alert.
5.3 Ter zitting heeft klager gesteld dat de onderzoeken die de HAIO heeft genoteerd niet (alle) hebben plaatsgevonden. Het College gaat niet mee in deze stelling. Meest waarschijnlijk is dat klagers niet alle verrichte onderzoeken – die veelal met opzet snel en onopvallend plaatsvinden – bewust hebben opgemerkt. Het College constateert wel dat niet alle volgens NHG Standaard CVA M81 aanbevolen onderzoeken zijn verricht en heeft daarbij het oog op onderzoek van het gezichtsveld en van de kracht van de onderste extremiteiten. Verder zijn niet alle onderzoeken die kennelijk wel hebben plaatsgevonden, zoals van de spraak, genoteerd. Bovendien heeft verweerder – zoals hij ter zitting ook heeft toegegeven – de uitkomsten van de onderzoeksverrichtingen niet voldoende duidelijk gecommuniceerd met klagers. De conclusie is dan ook dat het onderzoek geen schoonheidsprijs verdient. Op zich is dit naar het oordeel van het College nog niet tuchtrechtelijk verwijtbaar maar wel in samenhang met wat in 5.4 is overwogen.
5.4 Het College constateert dat verweerder de NHG Standaard CVA M81 niet in acht heeft genomen waar het betreft de evaluatie en het verwijsbeleid. Verweerder is bekend met de verschijnselen die bestonden toen klaagster belde met de huisartsenpost en stelt zelf vast dat die verschijnselen kort nadien verdwenen zijn bij het afleggen van de visite. In die situatie was waarschijnlijk sprake van een TIA, aldus de standaard. Het College acht het onzorgvuldig dat verweerder – naar uit de stukken blijkt – mede op grond van zijn ervaringen met klaagster meer dan twaalf jaren geleden de diagnose TIA betwijfelt en concludeert tot stress. Als verweerder – zoals hij ter zitting heeft aangegeven – had gebeld met de neuroloog was hem naar alle waarschijnlijkheid geadviseerd klaagster een afspraak te laten maken voor poliklinisch onderzoek over enkele dagen maar ook en vooral om klaagster ascal voor te schrijven. Het staat weliswaar niet vast dat dit medicament klaagster had geholpen, maar uitgesloten is het niet. Naar het oordeel van het College heeft verweerder door na te laten ascal te geven klaagster de kans ontnomen dat het middel wel zou helpen. Het College merkt nog op dat het waarschijnlijk is dat in de nacht van 21 op 22 januari 2007 nog een klein ischemisch infarct is gevolgd waardoor de uitvalsverschijnselen bij klaagster zijn verergerd.
5.5 Wat is overwogen in 5.3 en 5.4 brengt mee dat verweerder niet heeft voldaan aan de norm vermeld in 5.1. De klacht is dus gegrond. Nu verweerder tuchtrechtelijk verwijtbaar heeft gehandeld, wordt hem een maatregel opgelegd. Het College rekent verweerder daarbij enerzijds aan dat hij de diagnose TIA heeft gemist hoewel zijn HAIO daar wel aanwijzingen voor zag, maar neemt anderzijds in aanmerking dat verweerder een verder vlekkeloze staat van dienst heeft, dat hij spijt heeft betuigd en inzicht heeft getoond waar zijn handelen verbeterd kan worden. Onder deze omstandigheden volstaat het College met het opleggen van een waarschuwing.
6. de beslissing
Het College waarschuwt verweerder.
Aldus gedaan in raadkamer door, mr. W.J.B. Cornelissen, voorzitter, D.J. van Dijk, lid-jurist, dr. A. Huisman, dr. R.H. Boerman en M.D. Klein Leugemors, leden-geneeskundigen, in tegenwoordigheid van mr. H. van der Poel-Berkovits, secretaris en uitgesproken in het openbaar op 22 januari 2009 door mr. A.L. Smit, voorzitter, in tegenwoordigheid van mr. H. van der Poel-Berkovits, secretaris.
Er zijn nog geen reacties bij dit bericht. Ziet u geen reactieformulier?
Best gewaardeerde docs
Profielen Dick Swaab, Henk Barendregt & Frans de Waal
08-02-2011 |
Nooit eerder was er, ook bij het grote publiek, zo veel belangstelling voor de werking van de hersenen. »»
Reacties: Plaats een reactie
De Echte Coassistent
16-03-2011 |
De televisiereeks De Echte Coassistent volgt zes studenten geneeskunde tijdens hun coschappen in het Deventer Ziekenhuis. »»
Reacties: Plaats een reactie
Best gewaardeerde films
Film: Intouchables - Olivier Nakache, Eric Toledano
24-04-2012 |
Subliem acteerwerk in Intouchables, een op feiten gebaseerde film die bijna twintig miljoen Fransen naar de bioscoop trok. »»
Reacties: 2 reacties
Film: De goede dood - Wannie de Wijn
22-02-2012 |
‘Ik heb niks te maken met de dood. De dood is van jullie. Het sterven is van mij.’
Het klinkt hard, maar het komt er wel op neer voor de familie en vrienden van de ongeneeslijk zieke Bernhard, die besloten heeft om te sterven. »»
Reacties: Plaats een reactie

















