U bent nu hier:

Vrouwen in de geneeskunde

  • Vrouw tussen mannen, man tussen vrouwen Enkele decennia geleden was de artsenij een compleet mannenbolwerk. Nu is bijna driekwart van de geneeskundestudenten vrouw. Vrouwelijke én mannelijke dokters beschrijven hun ervaringen met het andere geslac
  • Plots ben ik weer vol vertrouwen. Ik word heus wel een keer zwanger, misschien wel deze keer. Ik vind mezelf weer lief en ik houd ook weer van mijn vriend.
  • Mijn zus heeft net een kindje gekregen. Bij mij beginnen de eierstokken ook aardig te rammelen.
  • Als jonge student van 18 jaar begon ik in september 2005 aan mijn studie geneeskunde aan het LUMC te Leiden. In één klap is heel je beeld van de medische wereld veranderd.
  • Voor mijn gevoel heeft mijn geslacht (v) nooit een grote rol gespeeld in mijn beroep.
  • Als vrouwelijke huisarts ben ik bijna dertig jaar werkzaam in dezelfde praktijk. De patiënten van begin dertig en jonger weten niet beter of hun huisarts is een vrouw.
  • 1984: als kersverse coassistent liep ik de operatiekamer op voor mijn eerste echte operatie.
  • Mijn volgende patiënt was een jongeman van 18 jaar. Ik haalde hem uit de wachtkamer en zag direct aan zijn non-verbale communicatie dat hij niet had gerekend op een vrouwelijke dermatoloog.
  • Als forensisch arts was ik al in veel verschillende situaties terechtgekomen: met hakkenschoenen had ik al over de spoorbielzen gebalanceerd op weg naar een treinongeval, het was me gelukt me in een witte overall te hijsen met een rok aan..
  • In het kader van het opvoeden van de patiënten, hebben we sinds kort allemaal een telefonisch spreekuur. Dat betekent dat we een halfuur per dag ‘vrij geroosterd’ hebben om telefonisch bereikbaar te zijn.
  • Sinds enkele weken ben ik coassistent interne geneeskunde. Terwijl ik me eigenlijk maar een jong meisje voel, spreken de meeste patiënten me moeiteloos aan met mevrouw en dokter.
  • Ik ben een vrouw. En een studente. Momenteel ben ik bezig met mijn derde jaar geneeskunde, wat mij goed bevalt.
  • In het kader van haar 75-jarig jubileum hielde Vereniging van Nederlandse Vrouwelijke Artsen een VAMP-verkiezing.
  • Een van mijn mede coassistenten, een mooie blauwogige blondine liep al enige tijd rond op de interne afdeling van een academisch ziekenhuis.
  • Als coassistent ben ik voor mijn laatste coschap naar Sumve, Tanzania gegaan. Hoewel ze daar al jaren zijn gewend aan veel (en vrouwelijke) coassistenten word je toch af en toe vreemd aangekeken.
  • Ik ben arts-microbioloog, zie zelden zelf patiënten en draag ook geen witte jas meer, behalve op het lab, en dus wordt ik in het ziekenhuis ook niet herkend als dokter. In het ziekenhuis word ik dus ook niet meer herkend als dokter.
  • Gedurende korte tijd was ik werkzaam als arts-assistent neurochirurgie in een groot academisch centrum. In de nachtdienst word ik gebeld door de assistent van de neurologie.
  • Op de afdeling Radiologie van het Medisch Centrum Haaglanden werken zeven artsen in opleiding: twee mannen en vijf vrouwen. De twee mannen gingen tegelijk voor een week naar een cursus in het buitenland.
  • In 1963 was ik een jaar als agnio – de term moest nog worden uitgevonden – werkzaam op de chirurgische afdeling van, destijds, het Lambertus ziekenhuis in Helmond.
  • ‘Het moederschap is ook een mooie roeping’, ‘Hoeveel minder ga je werken na je huwelijk?’ en ‘Mijn vrouw vraagt of je vanavond meedoet met de cursus bloemschikken van de doktersvrouwenclub.’
  • Het was in 1974. Ik begon als huisarts in een Brabants dorp en associeerde mij met een twaalf jaar oudere en ervaren collega die daar al een jaar of acht werkte.
  • Naast patiëntenzorg en onderwijs is uiteraard ook wetenschap­pelijk onderzoek een van de kerntaken in een academisch ziekenhuis. In 2007 kwam een extern adviseur onze onderzoeksgroep doorlichten.
  • Acht jaar geleden werkte ik – jonge vrouwelijke arts – als arts-assistent chirurgie in een perifeer ziekenhuis in de Achterhoek. Bij de overname van de dienst van mijn eveneens jonge vrouwelijke collega was er een wat oudere patiënte die een fractuur
  • Al vele jaren werk ik – vrouwelijke gynaecoloog, inmiddels 53 jaar oud – in een opleidingsziekenhuis. Op de afdeling Verloskunde is circa 50 procent van de patiënten allochtoon.
  • De dokter is 47 jaar en al 15 jaar kinderarts. Ze is trots op haar werk, vindt ook dat ze het goed kan. Besturen is haar passie, ze is net drie jaar stafvoorzitter geweest en moet nog afkicken.
  • ‘Ik word geen dokter’, zegt mijn zoon. ‘Dat is iets voor meisjes.’ Begin jaren tachtig begon ik mijn studie en was geneeskunde nog net iets meer voor jongens. Specialisten waren vooral mannen.
  • De halve woning die ik in de Kinkerbuurt in Amsterdam bewoonde, kreeg meer allure toen er in 1978 een artsenparkeerplaats voor de deur kwam. Ome Piet van de belendende garage hield een oogje in het zeil...
  • Ruim elf jaar geleden kwam ik in de maatschap als eerste vrouw tussen vier mannen. Ik was eind dertig en moeder van vier kinderen. ...
  • In 2002 werkte ik zes maanden met Artsen zonder Grenzen in het grensgebied van Pakistan en Afghanistan. We verleenden er eerstelijns­gezondheidszorg aan ongeveer 80.000 ...
  • Dat patiënten begin jaren zeventig niet vertrouwd waren met het fenomeen ‘vrouwelijke dokter’, was begrijpelijk. Maar dat ook specialistenopleiders daarmee moeite hadden, werd me pijnlijk duidelijk bij mijn sollicitatie naar een opleidingsplaats ...
  • Toen we onze vakgroep neurologie mochten uitbreiden met 80 procent fte, vonden we het niet meer dan logisch dat we kozen voor een vrouw. We hadden al drie mannen en je moet toch meegaan met je tijd. Natuurlijk werd ze zwanger en natuurlijk was dat niet...
  • Dokter Van Dijk is cardioloog in het ziekenhuis waar ik als arts-assistent op de eerste hulp werk.

Welkom in de Medisch Contact webshop »»

Op tv

Medisch Contact op Facebook

Lees- kijk- en uittips, cartoons, columns en andere interessante artikelen eenvoudig in je facebookoverzicht.

Vind ik leuk :-)

Deelnemende sites

Voor deze site(s) bent u ingelogd