COPD-revalidatie in het verpleeghuis
| Publicatie | Nr. 36 - 09 september 2010 |
|---|---|
| Jaargang | 2010 |
| Rubriek | Artikelen |
| Auteur | E.F. van Dam van Isselt, K.H. Groenewegen-Sipkema, J.H.M. Visschedijk, W.P. Achterberg |
| Pagina's | 1791-1793 |
Specifieke geriatrische aanpak moet draaideurpatiënten voorkomen
Oudere patiënten met COPD vallen na een ziekenhuisopname regelmatig tussen wal en schip. In het slechtste geval leidt dit zelfs tot heropname. In Deventer is voor deze beperkt belastbare patiënten een specifiek revalidatietraject ontwikkeld.
COPD komt bij ouderen zeer frequent voor. De prevalentie van COPD-patiënten in de algemene bevolking wordt geschat op 2,4 procent bij mannen en 1,7 procent bij vrouwen en neemt met de leeftijd toe tot 16,8 procent bij ouderen boven de 80.1 Exacerbaties, die in ongeveer de helft van de gevallen gepaard gaan met een longinfectie, vormen een belangrijk probleem en komen gemiddeld één tot vier keer per jaar voor.2 3
Hoewel niet elke exacerbatie leidt tot een ziekenhuisopname, wordt bijna 10 procent van de patiënten met COPD jaarlijks opgenomen in een ziekenhuis.1 Vooral oudere COPD-patiënten leveren tijdens zo’n ziekenhuisopname veel in als het gaat om conditie, kracht, gewicht en algemene dagelijkse levensverrichtingen (ADL). Omdat de meeste patiënten na enkele dagen gestabiliseerd zijn, is een langdurige en dure ziekenhuisopname vaak niet geïndiceerd. Een te vroeg ontslag kan echter leiden tot overbelasting thuis, waardoor patiënten in een negatieve spiraal terechtkomen met een snelle heropname tot gevolg.
Beeld: Ger Loeffen, HH
Kwetsbare ouderen
Geriatrische revalidatie in het verpleeghuis heeft zich de laatste jaren sterk ontwikkeld.4 Bij deze vorm van multidisciplinaire revalidatie, die zich specifiek richt op kwetsbare ouderen met meerdere chronische ziektes, staat herstel van functioneren en participatie centraal. Geriatrische revalidatie verschilt in essentie dan ook niet van de revalidatie zoals die in revalidatiecentra wordt geboden. De doelgroep verschilt echter wel, omdat deze patiënten vaak niet voldoende in staat zijn tot het volgen van intensieve revalidatieprogramma’s. Daarom zijn er de laatste jaren in het verpleeghuis revalidatieprogramma’s ontwikkeld voor CVA- en orthopediepatiënten.
In enkele verpleeghuizen in Nederland zijn recentelijk ook COPD-revalidatietrajecten ontwikkeld, die zich specifiek op deze groep van minder belastbare COPD-patiënten richten. Een voorbeeld hiervan is het COPD-revalidatieprogramma dat in mei 2009 in Deventer is gestart: een ketenzorgprogramma van het Deventer Ziekenhuis en Zorggroep Solis.
Thuis functioneren
Doel van dit revalidatieprogramma is om met name oudere COPD-patiënten, na een ziekenhuisopname in verband met een exacerbatie, beter te laten functioneren in hun thuissituatie en om complicaties, zoals recidiverende ziekenhuisopnames, te voorkomen.
Voor dit COPD-revalidatietraject komen twee patiëntengroepen in aanmerking:
- Patiënten die zijn opgenomen in het ziekenhuis als gevolg van een exacerbatie COPD. Meestal zijn deze patiënten na enkele dagen gestabiliseerd en in staat om verder te revalideren. Bij hen gaat het vooral om het adequaat instellen en gebruik van medicatie, het afbouwen van zuurstoftherapie en oefentherapie. De verwachte revalidatieduur is drie weken (COPD-1).
- COPD-patiënten die zijn opgenomen in het ziekenhuis na een al langer bestaande algehele verslechtering, waarbij comorbiditeit meestal ook een grote rol speelt. Deze patiënten hebben een langer revalidatietraject nodig. De verwachte revalidatieduur is zes tot acht weken (COPD-2).
Voorwaarde voor deelname aan het traject is dat de patiënt gemotiveerd is en na een tijdelijke opname weer thuis wil functioneren. De patiënt moet bovendien de potentie hebben om weer grotendeels ADL-zelfstandig en mobiel te worden. En er moet geen sprake zijn van een cognitieve of psychiatrische stoornis die een ernstige belemmering vormt bij het trainen.
Behandelplan
De revalidatieafdeling van Zorggroep Solis heeft vijf bedden beschikbaar voor COPD-revalidatie. De AWBZ financiert deze zorg op basis van een ZZP-9-indicatie (zorgzwaartepakket 9; verblijf met herstelgerichte verpleging en verzorging), afgegeven door het CIZ. De longarts stelt de indicatie voor het revalidatietraject. De specialist ouderengeneeskunde van het verpleeghuis bezoekt wekelijks de longafdeling in het ziekenhuis voor overleg met de longarts en een intakegesprek met potentiële COPD-revalidanten.
Bij opname in het verpleeghuis stelt de specialist ouderengeneeskunde het individuele behandelplan op. In samenspraak met de patiënt worden de specifieke behandeldoelen bepaald. De fysiotherapeut neemt bij opname een aantal (klinimetrische) testen af en stelt een individueel oefenprogramma op. De specialist ouderengeneeskunde schakelt op indicatie overige disciplines in.
Dagprogramma
Het dagprogramma op de revalidatieafdeling kent drie of vier ‘oefen-/behandelmomenten’ waarvan één standaard met fysiotherapie. Daarnaast trainen revalidanten zelfstandig, met duidelijke instructies, op een aantal vaste momenten. De verzorging/verpleging coacht en stimuleert dit. In het dagprogramma zijn ook eventuele andere behandelingen verwerkt, zoals oefeningen van de ergotherapeut of adviezen van de diëtist. Daarnaast is er, onder leiding van de psycholoog, wekelijks een COPD-gespreksgroep. Hierin kunnen revalidanten hun ervaringen delen en krijgen ze informatie over hun ziekte en de gevolgen daarvan. Ook komen andere aspecten zoals angst voor dyspneu, acceptatie en adaptatie, en de rol van de mantelzorger aan bod.
Wekelijks evalueren de specialist ouderengeneeskunde, de verpleging/verzorging en de fysiotherapeut de voortgang van het revalidatietraject. De longarts neemt maandelijks deel aan dit overleg.
In de laatste fase van het revalidatietraject ligt de focus voornamelijk op het vervolgtraject thuis. De revalidant krijgt advies hoe het behaalde resultaat vast te houden of nog verder uit te breiden. Meestal komt er een verwijzing naar een eerstelijnsfysiotherapie, eventueel aangevuld met behandeling door een ergotherapeut thuis. Ook een (tijdelijke) verwijzing naar de dagbehandeling is mogelijk.
Patiënttevredenheid
In de periode van mei tot december 2009 zijn zeventien patiënten (acht COPD-1, negen COPD-2) in het kader van dit project opgenomen op de revalidatieafdeling van het verpleeghuis. De gemiddelde opnameduur in het ziekenhuis bedroeg 8,3 dagen.
Van de revalidanten was 89 procent bij opname niet geheel ADL-zelfstandig (barthelscore <20). De ADL-zelfstandigheid verbeterde gedurende het traject. Ook het inspanningvermogen en de ervaren gezondheidstoestand lieten een klinisch relevante verbetering zien. Ruim 80 procent van de revalidanten werd naar huis ontslagen, één revalidant ging naar het verzorgingshuis, één naar het verpleeghuis en één overleed gedurende de opname aan de gevolgen van COPD. De patiënttevredenheid (gemeten middels een exitinterview) scoorde met een gemiddelde van 8 (schaal 1-10) hoog.
Na revalidatie moet de patiënt de potentie hebben om weer grotendeels ADL-zelfstandig en mobiel te worden.
De resultaten van dit pilotonderzoek laten dus verbetering zien van het inspanningsvermogen, de ADL-zelfstandigheid en de ervaren gezondheidstoestand. Voorzichtigheid bij de interpretatie is uiteraard geboden, gezien het beperkte aantal patiënten en het ontbreken van een controlegroep. Vervolgonderzoek, ook naar de (middel)langetermijneffecten, is wenselijk en inmiddels ook gestart.
Negatief imago
Bij de ontwikkeling van het project zijn ook enkele aandachtspunten naar voren gekomen. Zo viel het aantal plaatsingen aanvankelijk tegen, onder andere doordat sommige patiënten bij wie revalidatie was geïndiceerd, niet opgenomen wilden worden. Dat had verschillende redenen. Allereerst kampt het verpleeghuis van oudsher met een negatief imago. Ondanks het feit dat revalidatie een belangrijk onderdeel is van de geboden behandeling en zorg, zien veel mensen het verpleeghuis nog steeds als een eindstation waar je vooral níet terecht moet komen. Daarnaast betalen patiënten, omdat het een AWBZ-gefinancierde voorziening is, een eigen bijdrage voor hun opname in het verpleeghuis.
Voorwaarde is dat de patiënt na opname
weer thuis wil functioneren
Verder moet op de afdeling een expliciet revalidatieklimaat heersen. Het ontwikkelen van dit revalidatieklimaat heeft tijd nodig gehad en was aanvankelijk onvoldoende zichtbaar. Dat geldt ook voor het ontwikkelen en expliciteren van het revalidatieprogramma. Bij de start was er bijvoorbeeld nog geen gespreksgroep.
Samenwerking
Een goede samenwerking, op alle niveaus, is van doorslaggevend belang. Zo wordt, bij opname in het ziekenhuis, het ketenproject als één samengestelde behandeling gepresenteerd. Op de longafdeling ontvangt de patiënt informatie over het vervolgtraject in het verpleeghuis. De COPD-verpleegkundige heeft hierin een belangrijke rol. Zij kent de meeste COPD-patiënten goed, volgt ze tijdens de ziekenhuisopname, het revalidatietraject in het verpleeghuis en poliklinisch in de thuissituatie. Het wekelijks overleg tussen de specialist ouderengeneeskunde en de longarts zorgt voor een goede onderlinge afstemming, zowel medisch-inhoudelijk als wat betreft instroom en doorstroming van patiënten. Inmiddels zien wij dat het aantal plaatsingen binnen het project toeneemt (twaalf patiënten in het eerste kwartaal 2010).
Ten slotte houden we voortdurend in de gaten in hoeverre de opgestelde doelstellingen ook daadwerkelijk worden behaald en op welke punten verdere ontwikkeling nodig is. Het koppelen van wetenschappelijk onderzoek aan het project levert bovendien zinvolle spiegelinformatie op. Ook de patiënttevredenheid wordt bij de evaluatie en ontwikkeling van het traject steeds nadrukkelijk meegewogen.
E.F. van Dam van Isselt, specialist ouderengeneeskunde, Zorggroep Solis, Deventer
dr. K.H. Groenewegen-Sipkema, longarts, Deventer Ziekenhuis
J.H.M. Visschedijk, specialist ouderengeneeskunde, Zorggroep Solis, Deventer
dr. W.P. Achterberg, specialist ouderengeneeskunde, hoofd Universitair Netwerk Ouderenzorg UNO-VUmc Amsterdam
Correspondentieadres: lvandamvanisselt@zorggroepsolis.nl; c.c.: redactie@medischcontact.nl
Geen belangenverstrengeling gemeld.
Samenvatting
- Een COPD-revalidatietraject binnen het verpleeghuis lijkt zinvol te zijn.
- Een goede samenwerking op alle niveaus (artsen, verpleging, paramedici, managers) is van groot belang voor het doen slagen van een dergelijk ketenproject.
- Wetenschappelijk onderzoek naar COPD-revalidatie binnen het verpleeghuis is wenselijk. Welke groep heeft baat bij een revalidatietraject, welke behandeling is zinvol, met welk effect en wat is het beloop op de (middel)lange termijn?
Klik hier voor een PDF van het artikel
Klik hier voor een link naar de MCtv COPD-nascholing
Literatuur
1. Nationaal Kompas Volksgezondheid 2009. RIVM. www.rivm.nl.
2. Miravitlles M, Ferrer M, Pont A et al. Effects of exacerbations on quality of life in patients with chronic obstructive pulmonary disease: a 2 year follow up study. Thorax 2004; 59: 387-95.
3. Groenewegen-Sipkema KH. Clinical implications of acute exacerbations in COPD. Dissertatie. Universiteit Maastricht, 2008.
4. ETC Tangram en PHEG/LUMC verpleeghuisgeneeskunde. Revalidatie in de AWBZ, omvang, aard en intensiteit. 31 maart 2008.
Een selectie van eerdere Medisch Contact-artikelen over COPD:
-
Een arts die de motivatie en therapietrouw van chronisch zieke patiënten wil vergroten, doet er goed aan zich niet op te stellen als deskundige autoriteit.
-
Minister Klink wil de zorg functioneel bekostigen. Daarbij sluit één zorgaanbieder een contract af voor alle zorg die een patiënt behoeft. De minister verwacht hierdoor betere samenwerking tussen disciplines en kostenbesparing. Het concept wordt uitgeprobeerd bij vier groepen chronisch zieken. Maar zijn de verwachtingen van de minister wel realistisch?
-
De vraag waarmee de eerste lijn te maken krijgt, groeit. Niet alleen in omvang, maar ook in complexiteit. Het antwoord daarop is de huisarts met kennis van een specifiek vakgebied: de kaderhuisarts.
-
Hoe maak je de kwaliteit van huisartsenzorg meetbaar en vergelijkbaar? Het antwoord bestaat uit een lijst van 83 indicatoren.
-
Ziekenhuizen zijn slecht ingesteld op de opvang van ouderen met chronische multimorbiditeit. De verantwoordelijkheid wordt rondgespeeld totdat iemand het echt niet meer kan aanzien. Hoog tijd dat er speciale multidisciplinaire zorgunits komen m?t opna...
-
Liesbreuk, reuma, schizofrenie en een beroerte lenen zich allemaal voor een zorgpad. Alleen is het verloop van het behandeltraject niet in alle gevallen even voorspelbaar. Een heldere indeling in vier types zorgpaden biedt uitkomst.
-
Het aantal ziekenhuisopnamen neemt sterk af en hetzelfde geldt voor de opnameduur.
Ziet u geen reactieformulier? Reacties. (1)
"Met interesse hebben wij het artikel gelezen van collega Van Dam van Isselt et al.(MC 36/2010: 1791-93). Dit artikel beschrijft globaal de effecten van een interdisciplinair gerontorevalidatieprogramma in het verpleeghuis voor oudere patiënten met chronisch obstructief longlijden (COPD), die recent opgenomen zijn geweest omwille van een acute COPD exacerbatie. De zorgbehoefte van deze patiënten en hun complexe problematiek vragen om een interdisciplinaire interventie en het verpleeghuis kan hieraan tot op zekere hoogte een bijdrage leveren. (Janssen et al. Int J Palliat Nurs 2010) Echter, de complexe problematiek van deze patiënten vraagt allereerst om een zorgvuldig interdisciplinair assessment met correcte indicatiestelling voor longrevalidatie of opname in het verpleeghuis voor palliatieve zorg.
Longrevalidatie is een wetenschappelijk onderbouwde interdisciplinaire allesomvattende interventie voor patiënten met een chronische respiratoire ziekte. (Nici et al. Am J Respir Crit Care Med 2006) Patiënten die ondanks optimale medicamenteuze behandeling klachten ervaren of beperkingen in activiteiten van het dagelijks leven dienen verwezen te worden naar een gespecialiseerd longrevalidatiecentrum. (Spruit et al. Lancet 2008) Op basis van een interdisciplinair assessment wordt een individueel longrevalidatieprogramma aangeboden met een minimale duur van 8 weken.
Patiënten die niet in staat zijn om te participeren in een longrevalidatieprogramma vanwege eindstadium van de ziekte kunnen verwezen worden naar het verpleeghuis voor een interdisciplinair palliatief behandelprogramma. (Janssen et al. Int J Palliat Nurs 2010) Samenwerking tussen een gespecialiseerd centrum voor longrevalidatie en het verpleeghuis is essentieel voor het bieden van een optimaal behandelprogramma in de juiste zorgsetting, afgestemd op de mogelijkheden en wensen van patiënten en rekening houdende met de specifieke functionele expertise van het behandelteam. Het verpleeghuis kan een verlenging vormen van de keten van zorg voor patiënten met een chronische respiratoire ziekte. Echter, verpleeghuisopname is niet geïndiceerd indien longrevalidatie in een gespecialiseerd longrevalidatiecentrum de klachten kan verminderen en de gezondheidsstatus kan verbeteren.
Daisy J.A. Janssen, specialist ouderengeneeskunde / klinisch onderzoeker, Proteion Thuis, CIRO+, Horn
Dr. Martijn A. Spruit, staffunctionaris Program Development Centre, CIRO+, Horn
Dr. Frits M.E. Franssen, longarts en medisch coördinator CIRO+, Horn
Prof. Dr. Jos M.G.A. Schols, hoogleraar specialisme ouderengeneeskunde, Universiteit Maastricht, Maastricht
Prof. Dr. Emiel F.M. Wouters, hoogleraar longziekten, MUMC+, Maastricht, CIRO+, Horn
"
Best gewaardeerde docs
De Echte Coassistent
16-03-2011 |
De televisiereeks De Echte Coassistent volgt zes studenten geneeskunde tijdens hun coschappen in het Deventer Ziekenhuis. »»
Reacties: Plaats een reactie
Doc: Retourtje hiernamaals
15-03-2012 |
Retourtje hiernamaals is een documentaire over de veranderingen die mensen ondergaan nadat ze een bijna-dood- ervaring (BDE) hebben gehad. »»
Reacties: Plaats een reactie
Best gewaardeerde films
Film: Intouchables - Olivier Nakache, Eric Toledano
24-04-2012 |
Subliem acteerwerk in Intouchables, een op feiten gebaseerde film die bijna twintig miljoen Fransen naar de bioscoop trok. »»
Reacties: 2 reacties
Film: De goede dood - Wannie de Wijn
22-02-2012 |
‘Ik heb niks te maken met de dood. De dood is van jullie. Het sterven is van mij.’
Het klinkt hard, maar het komt er wel op neer voor de familie en vrienden van de ongeneeslijk zieke Bernhard, die besloten heeft om te sterven. »»
Reacties: Plaats een reactie



